'Legale wietproef is ondoordacht want coffeeshops staan er niet achter', zegt criminoloog

 

Door Marjanka Meeuwissen

EINDHOVEN - De aanmeldtermijn voor de landelijke proef met legaal geteelde wiet loopt nog, maar is al duidelijk dat er flinke twijfels bestaan over de vorm van het experiment. Ook de grote Brabantse steden zijn niet allemaal enthousiast. Criminoloog Cyrille Fijnaut: `De proef is ondoordacht. Ik heb bij de start van het project niet scherp genoeg de vraag gehoord: willen de coffeeshops eigenlijk wel meedoen?`

Dat de coffeeshophouders grote bedenkingen hebben, bleek eerder deze maand wel in Breda. Burgemeester Paul Depla gaf bij minister Grapperhaus dat zijn stad een van de tien pilotgemeenten wil zijn in de wietproef, maar wel met een slag om de arm. Als de twijfels van de coffeeshophouders niet voldoende kunnen worden weggenomen, kan Breda zich nog terugtrekken.

Criminoloog Cyrille Fijnaut: `Het is logisch dat de shops twijfelen. Het zijn vrije jongens, die in de gedoogsituatie kunnen verkopen wat hun klanten graag willen. In de proef zijn er allerlei restricties. Straks kunnen ze bijvoorbeeld geen wiet meer verkopen uit bijvoorbeeld Marokko en Libanon, maar alleen nog uit de Hollandse polder.`

Hoe ziet de proef er straks uit?
Maximaal tien gemeenten doen mee aan de proef met legaal geteeld wiet, die op zijn vroegst in 2021 start. In die gemeenten verkopen de coffeeshops dan alleen nog legaal geteelde wiet. Behalve in de eerste fase van de proef, dan liggen legaal en illegaal geteelde wiet een paar weken naast elkaar in de schappen. In de pilotgemeenten moeten alle shops meedoen. Na vier jaar wordt het experiment geëvalueerd.

Welke twijfels hebben coffeeshops?
Shophouders zien nog veel obstakels. Ze hebben onder meer de volgende vragen:

Fijnaut stelt dat een wietproef sowieso helemaal niet nodig is. `Je kunt ook een vliegticket pakken naar de Verenigde Staten, waar tien staten al gelegaliseerd hebben. Daar kun je prima bekijken hoe ze dat hebben aangepakt en wat de problemen zijn.`

Ook stelt hij dat het terug dringen van de zware georganiseerde misdaad rondom wiet niet gaat lukken met de wietproef: `Die zware misdaad ben je niet aan het tackelen met een proef die maar in tien gemeenten wordt gehouden, die criminaliteit is verspreid door heel Nederland.`

`Maar er moet wel iets gebeuren`
Dat er iets moet gebeuren, dat is wel duidelijk, vindt ook Fijnaut: `Het roer moet worden omgegooid.` Fijnaut haalt het beroemde rapport van Wickersham aan dat het einde van de Drooglegging in Amerika inluidde: `Die zegt dat je jezelf moet afvragen of er in het land voldoende draagvlak is voor een verbod. En of je voldoende middelen hebt, politiemensen bijvoorbeeld, om naleving van het verbod af te dwingen.`

Hij vervolgt: `Als dat allebei niet het geval is en het verbod voor een grote zwarte markt zorgt met grote problemen vanwege georganiseerde misdaad, dan is een verbod onhoudbaar.` Fijnaut is dan ook voor legalisering, maar wel in de hele Europese Unie. `Als ik minister was zou ik niet op eigen erf een proef houden, maar naar Brussel gaan.`

Maar die stap wordt vooralsnog niet gezet. Minister Grapperhaus werkt toe naar de landelijke wietproef. Tot 10 juni kunnen gemeenten zich als kandidaat aanmelden. Maar de minister van Justitie en Veiligheid geeft aan dat die termijn wellicht verlengd wordt. Dat omdat er nog Kamervragen over de proef beantwoord moeten worden en er wellicht ook nog een debat volgt.

Welke steden doen mee?

Fijnaut: `Ik ben heel benieuwd of de proef doorgaat als de coffeeshophouders niet willen meewerken.` De criminoloog ziet een alternatief dat in zijn ogen beter is: legaal geteelde wiet verkopen op andere plekken dan in coffeeshops. `Er is altijd nog de optie om een heel eigen distributiesysteem maken, zonder coffeeshops, een parallel systeem van productie tot en met distributie.`

 

(Omroep Brabant, 27 mei 2019)